De keuze draait vooral om drie vragen: hoeveel beschutting wil je, hoeveel licht wil je houden en hoe snel wil je kunnen schakelen per moment. Bij tuinkamers helpt het om eerst scherp te krijgen welke zijde wind pakt, waar de zon laag binnenkomt en van welke kant inkijk komt. Pas daarna kies je wat je waar plaatst, zodat je het in het dagelijks gebruik ook echt fijn vindt.
Wat meestal het snelst duidelijkheid geeft: kijk naar de momenten dat je er echt zit (bijvoorbeeld eind van de middag). Dan merk je meteen wat de sfeer breekt: tocht, fel licht of inkijk. En precies die kant levert vaak de meeste winst op.
Let op deze signalen:
● Tocht: voel je wind steeds uit één richting op je gezicht, nek of schouders, dan is dat meestal de zijde waar een afsluitbare oplossing je direct uit de wind zet.
● Laagstaande zon: prikt de zon onder de dakrand door en valt het licht hard naar binnen, dan wordt het met iets aan die kant meteen rustiger.
● Inkijk schuin van boven of opzij: inkijk komt vaak via bovenramen, een hoger gelegen tuin, een looppad langs de schutting of een balkon. Iets op die zijde geeft privacy op de momenten dat je het nodig hebt.
● Looproute: is er veel heen-en-weer verkeer (eten, kinderen, hond), zorg dan dat de doorgang vrij blijft en dat je snel kunt openen of sluiten.
Zie je het niet meteen? Maak een korte video vanaf je zithoek op een winderig moment of bij laagstaande zon. Later zie je snel welke zijde het meeste “doet”.
Glaswanden zijn vooral fijn als wind en regen de hoofdrol spelen. Ze halen de tocht weg, dempen het windgevoel en maken de ruimte sneller bruikbaar als het buiten frisser is.
Waar je op let voor comfort:
● Warmte en benauwdheid: staat de zon op het glas, dan kan warmte langer blijven hangen. Schuifdelen zijn praktisch, omdat je dan snel kunt ventileren.
● Lichtbeleving: hoe meer glas dicht staat, hoe meer binnengevoel. Het voordeel: je kunt kiezen. Dicht voor beschutting, open voor lucht en ruimte.
● Schoonmaak: glas laat pollen, vegen en aanslag sneller zien. Als je er goed bij kunt, blijft schoonmaken simpel met een doek of trekker.
Glas voelt logisch als je vooral echt uit de wind wilt zitten en je tuinkamer ook buiten de zomer comfortabel wilt gebruiken.
Screens zijn handig als laagstaande zon of inkijk de spelbreker is, terwijl je het open gevoel wilt houden. Ze halen de scherpte uit het licht en beperken inkijk zonder dat je het zicht helemaal afsluit.
Handig om vooraf mee te nemen:
● Wind en randen: een screen is doek en beweegt wat meer. Het tempert zon en inkijk heel prettig, maar glas geeft meestal meer beschutting tegen wind en regen.
● Gebruiksgemak: screens werken het best als je ze meteen kunt laten zakken zodra zon of inkijk opspeelt. Als de bediening makkelijk is, gebruik je ze ook echt.
● Bediening en bereikbaarheid: bij elektrische bediening is het handig als stroomvoorziening en bereikbaarheid logisch zijn, zodat aansluiten en later onderhoud praktisch blijft.
Screens passen vaak goed als zon en privacy belangrijk zijn en je niet alles dicht wilt maken.
In de praktijk werkt een combinatie vaak het prettigst: glas aan de kant waar wind en regen binnenkomen voor echte beschutting, en screens aan de kant met laagstaande zon of inkijk voor rustiger licht en meer privacy. Is je tuin al warm en beschut, dan geven alleen screens vaak al genoeg comfort zonder dat het te gesloten voelt.
Wil je snel helderheid, maak dan twee foto’s vanaf je zithoek: één richting de windkant en één richting de zonkant (liefst op het moment dat je er echt zit). Dan zie je snel welke zijde vooral om beschutting vraagt en welke zijde vooral om licht en privacy.